Het 21+ toelatingsonderzoek

Een 21+ toelatingsonderzoek wordt door veel hogescholen en universiteiten gebruikt om vast te stellen of jij het juiste niveau hebt. Bijvoorbeeld als jij geen diploma hebt van de middelbare school of MBO niveau 4. Als jij het onderzoek goed afsluit, toon je aan dat je over de juiste kwaliteiten beschikt. Vervolgens kan je gewoon deelnemen aan het opleidingsprogramma.

Onderdeel van een 21+ toelatingsonderzoek is vrijwel altijd een capaciteitentest. De hogeschool koopt bij een extern assessmentbureau de capaciteitentest in. Omdat er verschillende assessmentbureaus zijn, zijn er ook verschillende soorten testen. Wel gebruikt een onderwijsinstelling altijd dezelfde test. In de meeste testen worden drie capaciteiten gemeten: numeriek redeneervermogen, abstract redeneervermogen en verbaal redeneervermogen. De meeste testen doen dit met drie of vier onderdelen. Sommige testen gebruiken tot wel acht onderdelen om alle capaciteiten te meten.

Om toegelaten te worden tot de opleiding moet jouw score hoger zijn dan de normgroep. De normgroep hangt af van de opleiding waar je aan wilt deelnemen. Als jij aan een HBO opleiding wilt deelnemen, moet je een score halen die door HBO-ers wordt behaald. De beste manier om de normgroep te verslaan, is door te veel oefenen. Oefenen heeft dus altijd zin voor een 21+ toelatingsonderzoek.

21+ toelatingsonderzoek oefenen in drie stappen:

1

Uitnodiging

Pak de uitnodiging die je van jouw opleiding hebt gekregen. Hier staat in welk bureau de test afneemt.

2

Assessmentbureau

Staat in jouw uitnodiging niet welk bureau de test afneemt? Kijk dan in ons overzicht welk bureau hoort bij welke opleiding.

3

Aan de slag

Onze oefenpakket zijn speciaal op maat gemaakt voor jouw specifieke capaciteitentest. Maak de lessen en de vragen en je bent klaar.

Kom je er niet uit? Vind je het lastig om het juiste oefenpakket te vinden? Heb je geen zin om lang te zoeken?

Bel of app dan naar: +31 (0)6 153 412 18

Onze assessmenttrainers helpen jou het juiste oefenpakket uitzoeken!

Verschillende toelatingsonderzoeken

Elk bureau ontwikkelt zijn eigen capaciteitentest(en). Hoewel er overlap tussen de verschillende bureaus zit, is er ook veel verschil. Over het algemeen kan je één van de volgende twee capaciteitstesten verwachten als je een toelatingsonderzoek moet maken:

  1. Differentiële aanleg test van Pearson
  2. Multiculturele capaciteitentest voor hoger niveau van NOA
  3. Zelf ontwikkelde test van private hogescholen

Naast de capaciteitstesten kan je nog gevraagd worden andere testen te maken, zoals een taaltoets of een kennistoets van bijvoorbeeld natuurkunde.

Differentiële aanleg test van Pearson

De differentiële aanleg test (DAT) wordt onder andere gebruikt door de Fontys Hogeschool voor het toelatingsonderzoek. De DAT bestaat uit de volgende onderdelen:

  • Woordbeeld – je geeft de correcte spelling van woorden aan.
  • Taalgebruik – je moet aangeven of een zin grammaticaal klopt.
  • Analogieën – je moet het verband vinden tussen twee gegeven woorden en dat toepassen op een derde woord.
  • Figurenreeksen – je moet het verband vinden tussen de figuren en het nieuwe figuur in de reeks aanwijzen.
  • Ruimtelijk inzicht – je moet kubussen uitvouwen of aangeven welke kubus uitgevouwen is.
  • Praktisch inzicht – wat gebeurt er als tandwielen draaien? Je krijgt verschillende technische vragen.
  • Rekenvaardigheid – je moet eenvoudige rekensommen oplossen.
  • Snelheid en nauwkeurigheid – je moet aangeven of twee gegeven stukjes tekst hetzelfde zijn.

Multiculturele capaciteitentest van NOA

De MCT-H wordt onder andere gebruikt door NHL Stenden voor het toelatingsonderzoek. Niet elk toelatingsonderzoek gebruikt alle onderdelen van de MCT-H, deze bestaat uit:

  • Rekenvaardigheid – je moet eenvoudige rekensommen oplossen.
  • Componenten – je moet aangeven hoe losse figuren een totaal vormen.
  • Woordrelaties – je moet aangeven welke woorden synoniemen of antoniemen van elkaar zijn.
  • Cijferreeksen – je moet het volgende cijfer in een reeks aanwijzen.
  • Controleren – je moet aangeven of twee gegeven stukjes tekst hetzelfde zijn.
  • Spiegelbeelden – je moet aangeven welke figuren gespiegeld zijn.
  • Woordanalogieën – je moet het verband vinden tussen twee gegeven woorden en dat toepassen op een derde woord.
  • Exclusie – je moet van een aantal figuren aangeven welke er niet bij hoort.

Eigen test private hogescholen

Private hogescholen zoals de LOI en NTI maken gebruik van zelf ontwikkelde toelatingsonderzoeken. Gebruikte onderdelen zijn:

  • Nederlands tekstverklaren – je moet stellingen en vragen over een Nederlandse tekst beantwoorden.
  • Engels tekstverklaren – je moet stellingen en vragen over een Engelse tekst beantwoorden.
  • Rekenvaardigheden – je moet eenvoudige rekensommen oplossen.
  • Cijferreeksen – je moet het volgende cijfer in een reeks aanwijzen.
  • Figurenreeksen – je moet het verband vinden tussen de figuren en het nieuwe figuur in de reeks aanwijzen.
  • Syllogismen – je moet aangeven of bepaalde conclusies juist, onjuist of niet te bepalen zijn.
  • Analogieën – je moet het verband vinden tussen twee gegeven woorden en dat toepassen op een derde woord.

Hieronder een overzicht van hogescholen en bijbehorende toetsen

HogeschoolAdaptieve CapaciteitentestAob CompazEigen testNOAPearson
ArtEZ Hogeschool voor de Kunstencheckmark
Avans Hogeschoolcheckmark
Capabel Hogeschoolcheckmark
Fontys Hogeschool (21+)checkmark
Haagse Hogeschool (21+)checkmark
Hanze Hogeschool (21+)checkmark
Hanzehogeschool Groningen (21+)checkmark
Hogeschool Leidencheckmark
Hogeschool Rotterdamcheckmark
Hogeschool St Joost (21+)checkmark
Hogeschool Tiocheckmark
Hogeschool Utrecht (21+)checkmark
Hogeschool Zeeland University of Applied Sciencescheckmark
HvAcheckmark
LOI (21+)checkmark
NCOI (21+)checkmark
NHL Stenden (21+)checkmark
NTI (21+)checkmark
THIM, Hogeschool voor Fysiotherapiecheckmark
  • Logisch
  • Numeriek
  • Verbaal

Soorten vragen

De vragen zijn verdeeld over drie categorieën: abstract of logisch redeneren, numeriek redeneren en verbaal redeneren. Elke categorie toetst een bepaalde vorm van denken.

  • Abstract of logisch toetst het logisch redeneervermogen. De meest pure vorm van testen. Hierbij speelt jouw achtergrond de kleinste rol.
  • Numeriek toetst het numeriek redeneervermogen. Op dit onderdeel is de opleiding van een kandidaat belangrijk. Als jij meer Wiskunde hebt gehad,wordt dit makkelijker.
  • Verbaal toetst het verbaal redeneervermogen. Als jij meer leest of de test in jouw moedertaal moet maken heb je vaak een voordeel. Daarom is dit niet cultuurvrij.

Per capaciteitentest heeft het bureau de beschikking over een database aan vragen. Uit deze testbatterij worden dan automatisch vragen gekozen die aan de kandidaat gesteld worden. Afhankelijk van de specifieke test krijg je deze vragen verdeeld per onderdeel of door elkaar. Omdat bureaus over een onbekend aantal vragen beschikken is er een vrijwel oneindig aantal unieke capaciteitstesten mogelijk.

Zo blijft het niveau van de testen hetzelfde maar krijgt toch elke kandidaat andere vragen. Dat voorkomt ook dat kandidaten met behulp van screenshots of vrienden vragen uit hun hoofd kunnen leren. Om deze reden is het dus ook belangrijk om te snappen welke concepten een assessmentbureau toetst. Dan kan je bijvoorbeeld oefenen op cijferreeksen waar optellen en aftrekken in voorkomen in plaats van cijferreeksen waar machten in zitten.

21+ toelatingsonderzoek oefenen

Voor hogescholen hebben wij een kant en klaar pakket ontwikkeld. Selecteer hieronder het oefenpakket voor één van de hogescholen:

NTI oefenpakket

NTI 21 Plus Toets Oefenpakket

Hogeschool Utrecht oefenpakket

Hogeschool Utrecht 21+ toelatingsonderzoek

Fontys oefenpakket

Fontys toelatingsonderzoek 21+

NHL Stenden oefenpakket

NHL Stenden 21 plus toelatingsonderzoek

Haagse Hogeschool oefenpakket

De Haagse Hogeschool 21+ toelatingsonderzoek

Hanzehogeschool Groningen oefenpakket

Hanzehogeschool Groningen Toelatingsassessment 21+